Merlijn:
Hij was meer en tovenaar dan een heks. Hij was de zoon van een demon en een sterfelijke moeder, was half kabouter en half mens. Een van zijn grootste krachten was het van gedaante wisselen: hij kon zich veranderen in een hert, jachthond, maagd of dwerg. Hij diende Arthur als raadgever en minstreel en werd behoeder van de koning. Hij kwam ten val door de fee Vivien, ofwel de Meermin (mythische verleidster). Zij verleidde hem en maakte gebruik van Merlijns kennis om hem gevangen te houden. Merlijn was de grootste tovenaar die de wereld ooit gekend heeft.
Dame Alice Kyteler: (heks die om duidelijke reden van hekserij werd beschuldigd)
Zij was en veertiende-eeuwse Engels-Normandische vrouw uit Kilkenny in Ierland. Zij was driemaal weduwe en erfgename van de bezittingen van haar echtgenoten. Toen haar vierde echtgenoot ziek op bed lag strooide haar kamermeisje in het dorp rond dat dame Alice Kyteler een heks was. Alice haar man gaf Alice aan en Alice werd beschuldigd van moord op haar drie vorige echtgenoten, vleselijke gemeenschap met een demon en het offeren van dieren aan demonen. Helaas was Alice naar Engeland gevlucht voordat ze werd veroordeeld en is ze daar waarschijnlijk van ouderdom is gestorven.
Morgan LeFay:
Zij is de zus van koning Arthur, maîtresse en leerlinge van de tovenaar Merlijn. Het christendom zorgde ervoor dat ze een nimf en fee werd. Haar toverij werd nog duisterder en onheilspellender naarmate het christelijke tijdperk vorderde. In de Arthur-legenden is zij een tovenares, een heelmeesteres, een goede fee en een boze verleidster. Jong en oud, vrouw of vogel dragen zij en haar maagden in Morte d’Arthur (The Book of King Arthur) van Sir Thomas Malory het lichaam van de gevallen Arthur weg over de golven. Andere versies van Arthur-romans tonen haar als een onheilstichtende verleidster, een heks, de vrouw die Lancelot tracht te verleiden, de openbaarster van het overspel van Guinevere en als een gefrustreerde fee en verleidster die met alle mogelijke middelen een sterfelijke man in haar ban probeert te houden. Morgan LeFay (in het Italiaans Fata Morgana ‘fee Morgana’ en in het Frans Morgain La Fee) is een volmaakt oerbeeld van een vernederende versie van de Moedergodin.
Gilles de Rais: (politiek aangeklaagde heks)
Hij was een krijgsman en een nationalistische held. Hij was Jeanne d’Arcs beschermer. Na tien jaar nadat Jeanne wegens ketterij terecht had moeten staan werd hij hier ook van beschuldigd. Hij bekende niet lang na zijn beschuldiging honderden kinderen gedood te hebben. Hij werd verbrand.
Robin Hood:
We kunnen hem nauwelijks als een heks of tovenaar voorstellen, maar uit oudere legenden blijkt duidelijk dat Robin Hood een soort koning van de feeën en kabouters was. Zijn pijlen waren vuurstenen elfenpijlpunten, zijn metgezellen waren met zijn twaalven, net als een heksengilde met een aanvoerster (dertien personen). De maagd van het gilde was natuurlijk de maagd Marian. Zij vormden een legendarische heksengroep. Na Merlijn is Robin Hood de voornaamste mannelijke heks.
Jeanne dÁrc: (politiek aangeklaagde heks)
Het was nog maar de vraag of zij echt een heks was, want het is nogal onduidelijk. Zij kwam uit Lotharingen, een streek die bekend stond om heidendom, toverij en magie. Jeanne had de macht om zieken te genezen, weigerde tot God te bidden en droeg mannenkleren. Zij werd verbrand omdat ze mannenkleren droeg en een onverdraaglijke arrogantie had.
5 Wat voor gewoonten en gebruiken hadden heksen?:
Hier geef ik enkele voorbeelden van heksen riten en hoe die worden uitgevoerd. De gebeden laat ik weg, anders wordt het te lang.
De Maan neerhalen:
Een rite waarbij de hogepriesteres of leidster van een groep heksen de macht van een godin tot zich trekt en in feite voor de duur van de rite de godin zelf wordt. Voor dat men de godin oproept mediteert, danst en zingt men. Deze rite wordt uitgevoerd op middernacht, op de eerste nacht van de volle maan, het ‘heksenuur’. De heks roept de godin in zich op. Die godin is de zogenaamde drievoudige godin, de maangodin met haar drie fasen: wassend, vol en afnemend. Ze is bijvoorbeeld Diana, Artemis, Astarte, Afrodite of de Moedergodin en beheerst geboorte, dood, wedergeboorte en de omloop van de maan. De bedoeling is dat een toestand wordt bereikt waarin het menselijke en goddelijke een tijd versmelten in de leidster van de groep.
Het verheffen van de Machtskegel:
De machtskegel is de wil van de groep, de psychische kracht van een kring van aanbidders die zich geestelijk verenigd hebben om hetzelfde doel te bereiken. Sommige heksen beweren tijdens de Tweede Wereldoorlog een Duitse invasie in Engeland te hebben voorkomen door de machtskegel op te heffen tegen Hitler. Heksen verheffen de machtskegel door dansen, zingen en mediteren.
Initiatie:
Het tweede ritueel dat door moderne heksen het meest algemeen wordt uitgevoerd. Initiatie is een symbolische wedergeboorte. De wijdelinge wordt verwelkomd in de groep, moet een eed af leggen en krijgt een ceremoniële naam, waarna ze met water en wijn gezalfd wordt. Initiatie van gemarteld heksen hield in dat ze Christus en het Christendom, de Heilige Maagd, de heiligen, vader, moeder, hemel en aarde moesten afzweren. Dit werd gevolgd door een doop, het ontvangen van een heksenteken, een nieuwe heksennaam als symbool van de bekering en een kus voor de Grootmeester van het gilde(een kus op het achterwerk van de Duivel).
Zelfzegening (of zelfwijding):
Een persoonlijke rite waarbij de heks zichzelf wijdt aan de dienst van de Moedergodin en de Gehoornde God. Deze rite kan in gilde of voor eigen altaar worden uitgevoerd. Men gebruikt hierbij olie, wierook, kaarsen, water wijn en
zout. Met deze rite wordt een nieuwe persoonlijkheid gecreëerd. Het wordt naakt uitgevoerd op een stille plek met behulp van zout, water, wijn en een speciale kaars. De wijdelinge staat op gesprenkeld zout, steekt de kaars aan en zalft met water en wijn eerste de ogen, dan de lendenen en dan de voeten terwijl hij een bede uitspreekt.
Heksensabbat:
Is een mengeling van bijeenkomst, dansfeest, orgie (godsdienstig feest), liefdesfeest en parodie van het Christendom. De heksen vlogen op bezems naar de sabbatten. Deze vonden plaats op geheime heilige plekken in de nacht bij grote stenen of bij een aan de oude goden gewijde boom. Bij de aankomst olieden ze zich opnieuw voor de dans met gebruikmaking van krachtige smeerseltjes. Men vierde feest en danste op muziek met weelderige maaltijden. Voordat de sabbat begint moeten de wijdelingen zich voorstellen, een eed afleggen en de kus der gehoorzaamheid geven (Kus op de billen). Daarna ging men dansen op een speciale manier en ging men ritueel feestvieren en offerde men dieren.
Dit zijn enkele geliefde verzamelplaatsen van heksen: Cornwall, Castle Peak, Heksenrots bij Treen, Zennor en Stonehenge allemaal in Engeland, Baskenland, Bron van Barenton in het Bois de Broceliand enz.
Nu ga ik enkele kruiden en gewoonten opnoemen die door de heksen werden gebruikt.
Heksen gebruikten voodoopoppen: poppen die sprekend lijken een persoon. De heksen doorboorden de pop dan met een naald op een bepaalde plek en die persoon kreeg daar op die plek in echt pijn.
Dit zijn enkele giftige kruiden die heksen gebruikten: Bilzekruid, Bitter Kruit, Alruin, Doornappel, Zwarte nachtschade en Monnikskap.
6 Hoe werden heksen vervolgd?:
Gedurende de drie eeuwen dat heksen werden vervolgd werden er afschuwelijke folteringen toegepast om ervoor te zorgen dat de heksen bekenden dat ze en heks waren. Folteren betekent iemand pijnigen of martelen. Als er eenmaal over je gezegd was dat je een heks was dan was er geen ontsnapping meer mogelijk. De vraag was hoelang de folteringen zouden duren, hoeveel mensen er bij betrokken werden en of de heks de gunst zou krijgen om eerst gewurgd en dan pas verbrand te worden. De ‘gunst’ van de wurging was vooral voor politieke heksen. Wat gebeurde er met je als er eenmaal van je was gezegd dat je een heks was: je onderging de ’Waterproef’, een overblijfsel ui de oudheid of anders ‘wegen’ of ‘prikken’. In de ergste gevallen beproevingen als de ‘wipgalg’, de ‘duimschroeven’. De ‘Spaanse Laars’ of de ‘IJzeren Maagd’. De folteringen werden de folteringen uitgeoefend door degenen die zich als de ware vertegenwoordigers van God op aarde beschouwden.
De ‘Waterproef’ hield in dat de beschuldigde kruiselings aan handen en voeten werd gebonden en in het water werd geworpen. Zonk zij (en dan verdronk zij dus), dan was zij onschuldig (maar wel verdronken)en als zij bleef drijven dan was ze schuldig. Dan was ze een kind van de Duivel, want Gods water had haar teruggewezen. Dus als ze verdronk was ze onschuldig en als ze bleef drijven werd ze dus alsnog verbrand. Dus ze was altijd schuldig.
Bij de ‘weegproef’ werd de heks gewogen tegenover een bijbel of andere bepaalde gewichten. Als zij zwaarder was, dan was zij bezeten door een aardse geesten als ze lichter was dan had een vuurgeest bezit van haar genomen. Dus ze was altijd schuldig, ook al was ze zwaarder of lichter dan de bijbel. Ik heb geen flauw idee wat er gebeurde als de ‘heks’ en de bijbel even zwaar waren. Ik denk dat men dan de ‘waterproef’ of andere proeven deed om toch te bewijzen dat ze schuldig was.
Het ‘prikken’ was een proef waarbij de heksenjagers op het lichaam van de heks zochten naar ‘duivelskenmerken’ (zoals vreemd uitziende moedervlekken of wijnvlekken) die ongevoelig waren voor pijn.
Sommige inquisitoren (kettermeesters)gebruikten zelfs intrekbare heksenprikkers: bij druk verdween het lemmet in het heft en het niet gillen van de heks was het bewijs van haar schuld. Als de heks niets voelde doordat het lemmet van de prikker in het heft ging, of als ze echt niets voelde was ze schuldig. Gilde de heks het uit en bekende van de pijn, dan werd ze ook verbrand.
Bij de ‘Wipgalg’ werden de armen van de beschuldigde heks op de rug vastgebonden en werden er gewichten aan haar voeten gehangen, waarna de heks verscheidene keren aan bijvoorbeeld een tak van een boom met geweld werd opgehesen en weer op een paar meter hoogte werd neergesmakt tot ze bekende dat ze een heks was of stierf door het steeds ophijsen en laten vallen. Vaak werden hierbij de armen uit de kom gerukt en de van pijn vertrokken monden “vertelden” de inquisitoren dat de heks bondgenootschappen had met de Duivel. De ‘Spaanse Laars’ was een soort mal die om je been werd gezet en steeds strakker werd gezet, tot op een gegeven moment je been brak. Of je gilde het uit van de pijn en bekende, of je voelde ‘niets’, wat bewees dat je toch een heks was.
Bij de ‘Duimschroeven’ werden de duimen tussen twee klemmen gezet en die werden steeds verder aangedraaid. Men kon dan de handen gedurende vier weken niet meer gebruiken, want het bloed stoomde dan aan alle kanten onder de duimnagels vandaan. Als je het uitgilde van de pijn en bekende dan was je een heks en werd verbrand. En als je niet reageerde op de pijn was je ook schuldig en werd ook verbrand.
De ‘IJzeren maagd’ was een in Duitsland uitgevonden instrument.
Het was een levensgroot scharnierend lichaamsmodel met ijzeren punten van binnen om de heks te doorboren. Het was niet de bedoeling het slachtoffer te doden als het harnas zich om haar sloot. Het was geen wonder dat zoveel mensen bekenden. Of je bekende en werd alsnog verbrand, of je stierf toch doordat de pinnen je doorboorden, of je reageerde niet op de pijn en werd alsnog verbrand.
In Engeland waren de folteringen minder afschuwelijk dan op het vasteland. De heksen werden er niet verbrand, maar opgehangen. Water- en prikproeven werden toegepast, maar folteringen die in katholieke landen gebruikelijk waren werden niet toegepast. Engelse heksen werden berecht wegens malefica (boze daden) niet wegens ketterij. Ze werden beschuldigd van vernieling van de oogst, de dood van pasgeborenen en van veroorzaking van ziekte, alles door toverij. Aangezien de hekserij in Engeland niet een kerkelijke, maar een burgerlijke overtreding, moesten heksen berecht en bestraft worden met de burgerlijke wetten.
In Engeland waren de folteringen minder afschuwelijk dan op het vasteland. De heksen werden er niet verbrand, maar opgehangen. Water- en prikproeven werden toegepast, maar folteringen die in katholieke landen gebruikelijk waren werden niet toegepast. Engelse heksen werden berecht wegens malefica (boze daden) niet wegens ketterij. Ze werden beschuldigd van vernieling van de oogst, de dood van pasgeborenen en van veroorzaking van ziekte, alles door toverij. Aangezien de hekserij in Engeland niet een kerkelijke, maar een burgerlijke overtreding, moesten heksen berecht en bestraft worden met de burgerlijke wetten.
Dus hoe je het ook wendt of keert: de proeven werden altijd zo gedaan dat je altijd schuldig was. De inquisitoren hadden dus “altijd gelijk” als ze iemand ervan beschuldigden een heks te zijn. Ook al was dit bijna altijd niet waas en werd de beschuldigde vaak onschuldig en onterecht gemarteld, gegeseld en vaak gedood.
7 IN WELKE LANDEN WERDEN HEKSEN VERVOLGD:
Heksen werden vervolgd in alle katholieke landen zoals Europa en heel Amerika. Dit zijn de landen waar in ieder geval heksen werden vervolgd: Nederland, Duitsland, Noord en Zuid-Amerika, Scandinavië, Frankrijk, Nieuw-Mexico. Kortom, over de hele wereld werden heksen vervolgd in de Middeleeuwen
8 Wat was de rol van het geloof/de kerk bij heksen- vervolgingen?:
Van de veertiende tot zeventiende eeuw werd de gezamenlijke macht van de kerk en staat gericht op de uitroeiing van de heksen. Tijdens die periode werden ongeveer een half miljoen mensen of meer terechtgesteld wegens hekserij. In de vroege middeleeuwen was het officiële standpunt van de Kerk dat het vliegen van heksen door de lucht iets was wat de Duivel had gecreëerd. In de vroege Nieuwe Geschiedenis veranderde dit standpunt van de Kerk een werd het een ketterij om niet te geloven dat heksen konden vliegen. Naarmate de middeleeuwse samenleving instortte werd de Kerk steeds meer bedreigd door ketterse sekten en boerenopstanden. Heksen en ketters werden vaak door elkaar gehaald, maar zowel heksen als ketters waren een bedreiging voor de Kerk. Heksen hadden geen priester nodig als bemiddelaar tussen henzelf en God. Om de schuld voor de slechte economie en sociale omstandigheden van zich en de adel af te schuiven gaf de Kerk de schuld aan de heksen die door de lucht vlogen, oogsten bedierven, kinderen doden en veepest veroorzaakten. De Kerk bestempelde de vrouw als een zondebok om da naam van de Kerk te zuiveren en het volk voor de boosdoeners te behoeden. De inquisitoren die de heksen martelden waren bijna altijd mensen van de Kerk die de mensen voor het kwaad wilden behoeden door de slechteriken te doden. Na de achttiende en negentiende eeuw was er geen zondebok meer nodig.
Conclusie:
Door dit werkstuk te maken ben ik er achter gekomen wat er met heksen in de Middeleeuwen gebeurde, welke rituelen ze hadden, hoe ze er uit zagen en in welke landen heksen vervolgd werden, over de hele wereld dus. Hekserij en ketterij kwam over de hele wereld voor, maarniet overal pakte men de heksen even hard aan. Ik weet nu wat Halloween oorspronkelijk voor feest is en waar en wanneer heksen geheime bijeen komsten hielde. Ik vond het erg leerzaam om dit werkstuk te maken.
Literatuurlijst:
Dit zijn de boeken en internetpagina’s waar ik mijn informatie vandaan heb:
Heksen, E. Jong, uitgeverij Villa in Bussum 1983
Heksen en heksenwaan, I. Gay, uitgeverij H&S in Utrecht 1982
www.heksen.nl
www.heksenvervolging.nl
www.witchtrial.com
www.heksen.pagina.nl
REACTIES
1 seconde geleden
S.
S.
Dit is erg prettig om nog wat extra info te zoeken voor je werkstuk.
HEEL fijn.
13 jaar geleden
AntwoordenL.
L.
Hallo ik had alleen de vraag nog hoe werd ej in de middeleeuwen een heks?
Wie weet het?'
stuur me dan een mail!
13 jaar geleden
AntwoordenM.
M.
Hier kun je echt goeie informatie vandaan halen en echt een hele leuke site echt geweldig hoor
10 jaar geleden
Antwoorden