Jabbahw0ck - AH-erlebnis

Vroem! Vroem! Het is zaterdagochtend, en ik vlieg door de Albert Heijn heen. Al manoeuvrerend door verbaasd opkijkende klanten heen trek ik de o zo geliefde werkkleding aan, met de dynamische kleuren blauw en wit. Aan de voorkant van mijn schort zit een sensueel stukje paars. Mijn mouwen beginnen al te jeuken, want zij weten dat er vandaag weer flink aan hen getrokken zal worden door ongeduldige klanten die dit en dat moeten hebben, maar lekker niet weten waar dat is. Dus of ik dat even wilt doen. Ook mijn oren beginnen zich al klaar te maken voor de dag die komen gaat; een dag vol blèrende baby’s (begeleid door negerende ouders) en olijk schreeuwende collega’s. Leuk!
Deze dag is een hele speciale dag. Dit is de laatste dag dat ik als zestienjarige uitverkorene als vakkenvullertje werk. Een paar weken geleden vertelde ik dit heuglijk nieuws aan mijn slungelige chef, en kijkend door zijn zwart omrande brilmontuur zag ik dat hij het geen gezellig begin van de dag vond. “Dat moet jezelf weten”, zei hij op een neutrale toon. Als motivatie vertelde ik dat ik vond dat ik na twee jaar werken wel genoeg werkervaring had opgedaan, en het tijd vond voor wat anders. Met andere woorden: Ik wilde weg.
De grote zwarte stapels vol nog te vullen spulletjes trek ik zwierend uit de koelcel, en rijdend met dit grote gevaarte hoor ik de gebruikelijke geluiden al. De slavinkjes zijn aan het kreunen vanwege het veel te strak omgebonden vlees, de sliertjes van het rundergehakt zijn een vurige kletspartij begonnen. Dat laatste doen de pakjes met drie kipfilet ook, alleen produceren zij door beperkte ruimte alleen een mompelend geluid. Sommige mensen die ook op de vleesafdeling werken geloven niet dat vlees kan praten. Ik eerlijk gezegd ook niet. Toch is het luisteren hiernaar een geweldige activiteit om de tijd wat te laten verstrijken, en aangezien ik tijdens het vullen in een milieu verkeer van ambitieuze magazijnmedewerkers, dementerende omaatjes en netjes aangeklede directeurtjes (die toezien of je de compositie van de schappen wel in de gaten houd) , is het noodzakelijk om mentaal op niveau te blijven.
Op een gegeven moment realiseer ik me dat ik pauze heb. Ik mag even vrij nemen van de winkelkarretjescultuur wat me de laatste paar uur zo is opgedrongen. Ik loop naar de kantine, om vervolgens met een verschrikte blik het traditionele kantinetafereel te zien. De Kantine is namelijk de plek waar mensen het gezellig hebben. Waar tussen het uitwisselen van aanstekers voor dominant aanwezige filtersigaretten vunzige grapjes worden gemaakt over het persen van stinkende diarreepapjes uit het achterwerk. Het wordt nog erger als “hogere” mensen binnenlopen. Mensen die de beschikking hebben over vakkenvullertjes als ik, en daar verschrikkelijk trots op zijn. Nonchalant zittend op een plastic kantinestoeltje wordt er dan even gevraagd aan de ondergeschikten hoe het ervoor staat. En of die ene niet al pauze heeft gehad. En waarom hij vorige week ziek was. Het is nog erger als deze man in een vrolijke bui is. Dan moet je meelachen. En aangezien zijn grapjes niet veel beter zijn dan die van de anderen, ben je meer je meer aan het werk dan wanneer je vakken vult.
Begrijp me niet verkeerd: de Albert Heijn is een hartstikke leuke winkel. Op de achtergrond wordt er zulke swingende muziek gedraaid dat je elke dertiger spontaan aanziet als Olivia Newton John, en haar achter het winkelkarretje vandaan wil trekken om een dansscène uit Grease mee na te spelen. Tijdens de feestdagen krijg je authentieke Albert Heijn-cadeaubonnen om de supermarkt eens flink leeg te shoppen. Toch zul je na een tijdje een AH-erlebnis krijgen: alles wat je de ene dag ziet zie de volgende dag lekker weer. Daarom ben ik ook zo blij om aan het eind van de dag naar huis te lopen, met de gedachte dat ik hier nooit meer hoef te werken.
Ik heb me ingeschreven bij een Uitzendbureau, en zal gauw weer een bijbaantje nemen. Je moet er toch niet aan denken dat je als waardige adolescent geen bijbaantje hebt wat je niet af kunt kraken?
Gepubliceerd op 7 juni 2002