Het Stukje - Het Vreugdevuur der Studieboeken

De helft van schoolgaand Nederland heeft z\'n boeken nog niet. Ik weet waarom. Lang heb ik moeten nadenken of het jullie wel of niet onthouden moest worden, maar ik zal nu het verhaal achter de boeken vertellen. Ik was erbij.
Dat dacht ik, maar ook al bleven de sirenes van de pliesie lang te horen, ze hebben me niet gevonden.
De samenzwering werd gevormd in de nacht van 13 op 14 juli dit jaar in een Amsterdamse discotheek die op dat moment was afgehuurd door onze school. Men begroette elkaar, wat vaak gepaard ging met het schudden van handen of drie zoenen die de wangen net niet raakten. Saai als ik ben verdeed ik mijn tijd zittend, observerend, met een blik die op oneindig leek te staan terwijl hij in werkelijkheid op mijn schoolgenoten was gericht. Op de dansvloer klonk een liedje dat ik eerder die dag op de radio had gehoord. De tekst ervan bestond voornamelijk uit meisjesnamen.
Ik stond op. Tussen de mensenmassa door zag ik een steekvlam in een moment oprijzen en weer verdwijnen. Me tussen de mensen door manouvrerend zag ik dat het vuur uit de aansteker van Diego kwam. Het metalen ding was zo afgesteld dat de vlam een kleine dertig centimeter lang was. Hij stak er een joint mee aan. Veel hielp het niet, de stick ging binnen een paar seconden al weer uit. Weer die vlam, het barpersoneel keek boos op. Naast Diego stond Joeri. Beiden knikten naar me, zeiden niets. Ed en Willem Bever keken me met halfgesloten ogen aan, terwijl ik een onderwerp van gesprek probeerde te bedenken.
Frits liep langs, keek wat verdwaasd om zich heen, stopte.
\"Het is een matig feest.\" constateerde hij en zweeg, om zich heen kijkend. Diego en Joeri maakten de joint uit nadat ze hem diverse malen hadden uitgewisseld. Ze openden voor het eerst hun mond:
\"Hebben jullie je boekenlijst al opgestuurd?\"
Ik keek Joeri aan. Hij begon over een onderwerp waar ik me tot dat moment nog niet mee had beziggehouden. En ik keek Frits aan. Frits maakte een grijpgebaar voor zijn gezicht om duidelijk te maken dat het duo niet goed snik was.
\"Nee.\" antwoordde ik twijfelend.
Op een warme zomeravond, enkele dagen na het schoolfeest, stond ik in m\'n eentje te wachten op de afgesproken plek. En al snel arriveerden er anderen. Ik zag Baukes scooter aan het eind van de verlaten straat aan komen rijden, tegelijk met Franks benenwagen en Frits z\'n fiets. En Wieger.
\"Dag Wieger.\"
\"Hallo boekenwurmen van me.\" Hij rookte zijn sigaret zonder hem uit zijn mondhoek te halen, stapte van zijn rammelende fiets af en liet het ding met een oorverdovend gekletter tegen een muur vallen.
De schemering viel al in toen de twee sleutelfiguren in onze samenzwering om de hoek kwamen lopen.
\"Dames!\" riep Joeri, hij schudde een paar mensen de hand. Diego bleef zwijgend, hooguit grinnikend, tussen iedereen in staan. Gemakshalve was hij zoals vaak gewapend met een pretsigaret.
De eerste sleutel paste in het slot, hij werd omgedraaid en de groep wandelde een voor een naar binnen. Terwijl het alarm begon te piepen kwam er een motor aanscheuren. Joeri toetste een code in die hij oplas van een verfrommeld papiertje. Het motorgeronk stopte. Nogmaals probeerde Joeri het alarm uit te zetten, maar de schelle pieptoon bleef doorgaan. Inmiddels was de motorrijder om de hoek gestapt.
\"Hallo.\" Het stekelige kapsel was platgedrukt door zijn helm, maar de gniepige pretoogje bleven hetzelfde.
\"Dag Marco.\" riepen Bauke en Diego in koor.
Er leken zich na een kleine twintig seconden zweetdruppeltjes te vormen op het voorhoofd van Joeri, omdat de code die hij keer op keer (steeds agressiever) intikte niet wilde werken. Wieger stapte daarom naar voren, greep beheerst een bezemsteel uit de hoek van de ruimte en begon er uit alle kracht mee in te hakken op het cijferapparaatje. Het piepen stopte. Met open mond keek Joeri Wieger aan, die verontwaardigd zijn schouders ophaalde:\"Hij is toch uit, of niet?\"
Joeri had de sleutels gekregen van een vage kennis, die werkte in dit magazijn. De meegeleverde beveiligingscode was van mindere kwaliteit. Dankzij Wiegers inventiviteit leek dat niet zo uit te maken. We konden met onze boodschappenlijstjes tussen de metershoge schappen wandelen en benodigde schoolboeken eruit vissen.
\"Iemand scheikunde al tegengekomen?!\" echoode de stem van Bauke door de ruimte. Geen antwoord.
\"Hee \'Co, wat was dat voor een bak waar je net mee kwam aanrijden?\" vroeg Joeri aan Marco, die naast me liep. Marco klom in een stellage die tot de kleinste hoekjes volgepropt was met gloednieuwe boeken. Als een aap slingerde hij zich over ons heen. De jongen met het stekeltjeskapsel en de gniepige oogjes staat er om bekend dat hij elke week met een andere brommert op school verschijnt. Die leent hij, zo zegt hij.
\"Een eh.. zo eentje.. motor...\" heeg hij:\"waar je mee op de snelweg mag.\" \"Jij? Ze laten jou nog niet eens de A2 op in de passagiersstoel van een Volvo!\" krijste Joeri. Hij blies in de joint die Diego hem had aangegeven. Hij was uit.
\"Heeft een van jullie vuur?\" vroeg hij. Marco en ik schudden onze hoofden. We waren aanbeland bij een pallet eindexamenbundels. Alle drie flikkerden we er eentje in onze tassen. Frank rende voorbij.
\"Bereken de grootte van de magnetische inductie.\" las ik voor en zuchtte. Een gangpad verder stond Frits. Hij keek op, stak zijn hand op, groette, wees op het rek met leerboeken Latijn. Ik schoof er een mijn tas in. \"Dat bespaart een kleine berg centjes.\"
\"Zeer zeker.\" antwoordde hij. Geen van ons allen leek deze boekenroof ontverantwoord. Volgens de Verenigde Naties hebben we allemaal het recht om te leren. Fok it, dan hoeven we er toch geen geld voor neer te tellen? Voor de tweede keer rende Frank voorbij, maar Joeri hield hem tegen aan het eind van het gangpad:\"Hé Frank, heb jij vuur?\" Schichtig schudde hij z\'n hoofd, keek wat verward om zich heen en wachtte een halve seconde op een eventuele tweede vraag van de jongen met de gedoofde stick. Zodra hij doorhad dat die tweede vraag er niet zou komen stoof hij weg. Frank sleepte een opmerkelijk grote zak achter zich aan.
Samen met Frits speurde ik de rekken af, op zoek naar bruikbare studielectuur. \"Wa\'s dit?\" vroeg ik aan hem, een onbekend boek aangooiend. Voorzichtig sloeg hij het open, waarna zijn gezicht vertrok.
\"Engels voor het Studiehuis! Viezerd.\"
Terwijl Frits en ik ons vakkenpakket in boekvorm al bij elkaar geraapt hadden, net als Wieger en Joeri, liep de rest nog dwalend door het doolhof van bladzijden en stalen rekken rond. Een enkeling slingerde ook, zoals Marco. Een ander sprintte nog steeds van hot naar her, zoals Frank.
\"Frank.. Frank! FRANK!!\" Wieger floot op z\'n vingers en Frank stopte, liet zijn plunjezak op de grond vallen. Hij heeg.
\"Wat ben je nou aan het doen, jongen?\" vroeg hij:\"Hoeveel vakken heb je, achtendertig?\" Hij sprong van de dozen af waar we op zaten en liep naar Frank. Wieger opende de zak, er stond een grote grijnzende zwarte piet op, en de datum 5 december.
\"Eens kijken.. Getal en Ruimte B1, zes keer.. Systematische Natuurkunde, delen A tot en met D.. acht keer? Frank, wat móet je hiermee?\" Frank lachte schaapachtig, pakte de boeken terug van Wieger en gooide ze terug de zak in. Hij haalde zijn schouders lichtjes op:\"Weet je wat die dingen opbrengen? Kijk, zo\'n boek kost al gauw drie geeltjes.. Als ik die doorverkoop voor vijftig piek, kassa weetjewel.. Snappie? Doekoes..\" Er ging een golf van herkenning en begrip door de aanwezigen. Men kende Frank. De afgelopen tijd hadden we onszelf palmtop computers, nep-rolexen, fietsen, beltegoedkaarten en niet-functionerende glimmende Nokiaatjes aan laten smeren door deze vleesgeworden Amazing Discovery.
\"Diego!\" Joeri stond ook op van de opgestapelde kartonnen dozen:\"Vuur.. geef vuur.\" In een reflex wierp Diego zijn glimmende aansteker naar Joeri, die er onmiddellijk mee terugsprintte naar zijn oorspronkelijke zitplaats. Kon ie fijn verdergaan met roken.
\"Wat de f..\" Geschrokken liet hij de aansteker tussen de dozen vallen:\"D\'r kwam zo\'n vlam uit!!!\" Met z\'n handen gaf hij een grootte aan. \"Ja, dat wist je toch?!\" schreeuwde Diego terug:\"Waar is ie?\" Zippo\'s van goeie kwaliteit gaan alleen uit als je het klepje er weer op doet. Diego was een gelukkige eigenaar van zo\'n ding. Het betreffende klepje was niet gesloten, kon ik zien door de spleet. Het vuur stak de dozen aan.
\"Ja gotverdomme, haal dat ding ertussen vandaan!\" paniekerde Frits, terwijl er al redelijk wat rook tussen het karton vandaan opdwarrelde:\"Zo gaat deze hele zooi de hens in! Wat een hel!\"
Inmiddels was iedereen de dozen opgeklommen, probeerde ze te verplaatsen. Toch stond er al minstens één kartonnen kubus gruwelijk te fikken. \"Hé eikels, laterzzz!!\" riep Marco en smeerde \'m. Nog geen twintig seconden later hoorden we zijn geleende tweewieler wegscheuren. Aanvankelijk vervloekte we hem nog onder de noemer lafaard, maar naarmate het vuur zich verspreidde over de torenhoge stapel en uiteindelijk het Sprinklersysteem in werking stelde leek het ons allemaal een prima plan om haastig op huis aan te gaan. We verlieten het gebouw door dezelfde deur als we naar binnen waren gekomen, zoals echte slechte inbrekers dat doen. Joeri kwam als laatste naar buiten, met een brandende joint in zijn hand en een aantal verschroeide haren bij zijn voorhoofd.
Op dat laatste moment leken de verschillende sirenes eng dichtbij te komen en hebben we allemaal, vresend voor onze vrijheid, de kortste weg van de plek des onheils vandaan gezocht. Niemand van ons is gepakt, geloof ik. Hoewel ik van Marco de laatste tijd namelijk nogal weinig vernomen heb. Een paar dagen geleden hoorde ik van Shil dat Frank haar gebeld had. Of ze een wiskundeboek wilde kopen. Ze zei tegen hem dat ze geen wiskunde in haar pakket had.. Of ze dan niet zomaar geïnteresseerd was in het vak, het hoefde maar een tientje te kosten; die boeken waren immers nergens meer te krijgen sinds dat magazijn is afgefikt.
Gepubliceerd op 5 oktober 1999