Het Stukje - De Fiets Nakken

Door Camiel
Alleen de lage frequenties bereikten door de buitenmuur mijn oren. Dit wist ik te verklaren met behulp van de kennis die ik de afgelopen weken opgedaan had bij het leren van mijn schoolonderzoek natuurkunde. Voor de hogere signalen treedt namelijk niet voldoende buiging op, omdat de lekken waar het geluid zich doorheen perst te groot zijn. Zo hoorde ik alleen de trillingen waarvan de golflengte even klein is als de opening waardoor ze zich bewegen. Terwijl ik deze hypothese in m\'n hoofd opdreunde merkte ik op dat deze manier van denken alleen maar kon voortkomen uit mijn vele omgang met Frits. Zondagavond hadden we het er nog over, over trillingen en golven. \"Niet zeuren, gewoon raggen..\" was zijn credo betreffende dit onderwerp. Overigens deed hij dat niet in naam van Frits de Natuurwetenschapper, maar in die van Frits de Roekeloze Zeiler. (De Roekeloze Zeiler is een stuk minder interessant alter-ego van mijn klasgenoot. Ik vind zeilen als (top)sport maar stakkerig, overduidelijk het resultaat van een trauma dat een groep confessionelen opgelopen heeft na de uitvinding van stuwkracht in de vorm van stoom en later electriciteit.) Ik denk dat de meeste van mijn lezers het wel kennen, het gevoel van een feestje, gebouwd door de school en regelneven zoals Frits. Het is fokking koud buiten, je komt aankarren op je fietsje (of scooter), diep in je kraag gestoken, en ziet langzaam steeds meer mensen in groepjes bij elkaar staan buiten het hek, elkaar de stickies doorgevend. Vooral meisjes uit lagere klassen passen hun feestelijke kleding nooit aan op de geldige tijd van het jaar. Kijk ze bibberen in hun dunne panties. \"Gaat het nog door, Frits?\" Frits knikte. Bauke stak z\'n hoofd tussen ons in:\"Je bent er wel héél zeker van hè? Want ik mol je als ik straks buiten op je sta te wachten terwijl m\'n spullen binnen liggen en ik er niet meer bij kan!\" Met grote ogen keek Frits naar het priemende vingertje dat Bauke voor zijn gezicht hield. \"Heel zeker.\" antwoordde hij:\"Het krot staat klaar, toch?\" Bauke knikte. \"Luister,\" ging onze regelneef verder:\"Er is een nieuw iemand in de samenzwering: Handlanger Paul. Hij staat samen met Van Kruining klaar in de fietsenkelder. Jullie gaan via de hoofdingang naar binnen.\" Bauke en ik knikten overal voor, als ons rebelse, recalcitrante plan maar uitgevoerd kon worden. In de stijl van Amerikaanse B-films uit de jaren tachtig, over nablijvende pubers en losers die met hun computer een droomvrouw maken zouden we gaan inbreken in de school. Niet zoals in de films om onze cijfers te veranderen, maar voor de fiets. Als een spek op ons katten hing er sinds vorige maand een gloeiend nieuwe mountainbike in de hal van het gebouw. \'Giant\' stond er met glimmende letters op het chroomkleurige frame. De school had een prijsvraag uitgeschreven waarmee de leerling die het beste ontwerp inleverde voor de nieuwe inrichting van de kantine in het bezit kon komen van \'de fiets\'. \'De fiets\' werd gesponsord door de plaatselijke fietsenmaker, wat op de lachspieren van velen werkte. Op een school met figuren die elke dag op zoek zijn naar absurde belevenissen waar ze hun stukjes op kunnen baseren staat het tentoonstellen van zo\'n trofee gelijk aan vragen om moeilijkheden. De afgelopen maand liepen leerlingen van onze klas rekenend over de trappen om er achter te komen wat de meest efficiënte manier was om de fiets zo snel mogelijk mee te nemen. Gezamelijk kwamen we tot de conclusie dat de misdaad plaats moest vinden in de late, donkere avond van vrijdag vijf november. Dat was de avond van de bovenbouwsoos, een regelmatig terugkerend, feestelijke activiteit uit initiatief van de school (lees: schoolfeest). Omdat het de eerste sinds een lange tijd was, kwamen er veel mensen op deze soos af. Vorig jaar had de schoolleiding het fenomeen verboden naar aanleiding van wat incidenten op de brugklasversie er van. Leraren zouden bedreigd zijn door jongetjes met een schoenmaat niet groter dan 35, knetterstonede meisjes lagen te slapen op het toilet en in de ontelbare plassen kots waren de felle kleuren van zoete likeuren als Pisang Ambon en Passoa nog duidelijk te herkennen. In zo\'n mensenmassa was het dan ook moeilijk om Joeri meteen te vinden. Het lukte Bauke toch. Frits herhaalde zijn verhaal nogmaals en besloot het met de woorden:\"Jullie wachten hier!\" Bauke en ik knikten. En we wachtten ook wel, maar na een halve minuut hadden we toch het gevoel dat we al een heel kwartier suf om ons heen stonden te kijken. Joeri liep zonder wat te zeggen naar buiten. Om elkaar niet nog een keer kwijt te raken volgden Bauke en ik hem. Nog steeds zwijgend stapte Joeri vervolgens op het stalen hek af. \"Wat ga je doen?\" vroeg Julien, die zich bij ons gevoegd had. Joeri antwoordde niet, hij was druk bezig grof geweld toe te passen op het hek, met succes. Vijf seconden later wurmden Bauke, Julien en ik ons er in navolging van de zwijgende jongeman langs. Een groep afkoelende leerlingen uit lagere klassen stond het geheel met open mond en bijhorende verbazing te bekijken. Waarschijnlijk waren ze even benieuwd naar de reden als ikzelf, maar in tegenstelling tot ondergetekende vonden ze het wel nodig om dit met luide stem tot wereldnieuws te verheffen. Nog een hek. Vooral niet (te hard) op je bek gaan of enkels breken, dat doet pijn. Geen van ons raakte gewond, ondanks de sadistische punten die als een grijnzende rij tanden klaar stonden ons de kontzakken uit de broek te happen. Rennen. Of toch niet. In de Amerikaanse films over inbrekende highschoolleerlingen hoort er altijd iets fout te gaan in de plannen. Het gebouw vliegt in de fik (maar dat soort taferelen zijn de laatste tijd al genoeg voorgekomen in mijn stukjes) of de inbrekers worden achterna gezeten door één of meerdere kwijlende dobermanns. Bauke gaf een geheel eigen draai aan de traditie van het chaos scheppen en had zijn videocamera binnen laten liggen, waar het juist om te doen was. Hoe konden wij ooit met de eer van onze wandaad strijken als niemand het gezien had? Gepubliceerd op 9 november 1999