Geschreven door: | anoniem [meer] |
Datum ingestuurd: | 18 juli 2008 |
Niveau: | 5 vwo |
Woorden: | 715 |
Opvragingen: | 473 (1 deze maand) |
Waardering: |
CIVITAS
Antwoorden van de OPDRACHTEN bij hoofdstuk 9
1. 1-F
2-I
3-J
4-B
5-D
6-C
7-A
8-H
9-G
10-J
1. BELEID
2. De sociale problemen zullen vooral door het Maatschappelijk Middenveld worden aangekaart. De markt richt zich meer op de E van de Sociaal-Economische Driekhoek.
3. Doelen: VWO afmaken (tussendoelen: over gaan, goede cijfers halen of calculerend met 5,5 genoegen nemend), vervolgstudie, uitoefenen beroep.
Middelen: samenvattingen maken, frauderen …………….?
Tijdschema: voor VWO 20…., studie voltooid in 20….
4. a. 1=convenanten/rechten; 2=voorlichting/informatie; 3=belasting/boetes (Sports Utility Vehicle); 4=bezetting/blokkade
b. Bij voorbeeld: folder over groene energie (propaganda); geldelijke steun voor het plaatsen van zonnepanelen (subsidie/beloning); art. 461 Wetboek van Strafrecht (geboden en verboden); stille tocht (demonstratieve actie)
5. a. AI=MM; burgemeester=O; verzekeringsmaatschappijen=M; Waddenzee=MM; topambtenaren=in dit geval O; Fietsen-Rai=M;
b. Van boven naar beneden 1 t/m 5:
AI=1abc, 3b, 4ab
Burgemeester=1bc, (2), 3abc, 4a, 5
Waddenzee=1abc, 3b, 4ab
topambtenaren=1abc, 3abc, 4a
Fietsen-Rai=1abc, 3abc, 4a,
6. a. Ze voeren wel actie, maar niet in het algemeen belang maar uit eigen belang: belangenorgansiatie
b. Bij voorbeeld: De Koele Kreken, Het Verkeersdrempeltje, Vrienden van het Orgel in de Grote Kerk
7. Als legitieme en legale politieke participatie.
8. a. Illegitiem; b. legitiem en illegaal; c. legitiem en legaal; d. legitiem en legaal; e. legitiem en illegaal; f. illegitiem; legitiem en illegaal; legitiem en illegaal (om over te discussiëren)
9. Als er gunsten aan te pas komen (geld en geschenken of voordeeltjes) kan het vriendjespolitiek worden. Als er informatie wordt gegeven die op een andere manier de beleidsmakers niet zou bereiken, kan het de democratische besluitvorming verrijken.
10. Greenpeace voert voornamelijk acties met als doel de aandacht van de media te vangen; dus zo spectaculair mogelijk en soms ook illegaal. Er zijn andere milieugroepen voor andersoortige acties.
11. a. Ambtenaren en ministers/staatssecretarissen, die bereiden het beleid voor.
b. parlementariërs, politieke partijen.
c. De ambtenaren; de minister is verantwoordelijk voor de uitvoering.
12. Vakcentrales, werkgeversorganisaties, actiegroepen, lobbykantoren, politieke partijen. Om de beleidsvoorbereiders en -bepalers en uitvoerenden makkelijker ‘van dienst te kunnen zijn’ met informatie.
2. DE POLITIEKE CULTUUR
2.1 HET RIJK
13. Het gaat om subjectieve betekenissen en die zullen verschillen van plaats en tijd.
14. De Weten Openbaarheid van Bestuur geeft iedereen de mogelijkheid de ambtelijke stukken in te zien en zo te controleren hoe de besluiten zijn voorbereid en tot stand zijn gekomen.
15. a=4; b=1; c=2; d=1; e=4; f=2; g=3; h=3; i=2; j=4; k=1; l=3
16. a. Monisme. Om de oppositie uit te schakelen – en dus discussie te vermijden – wordt door de coalitiepartners uit de regering en het parlement een overeenkomst besproken.
b. Dualisme is democratischer: mee ideeën worden meegewogen in het besluitvormingsproces.
17. Monisme: a, b, e, g, h
Dualisme: c, d, f
2.2 DE PROVINCIE
2.3 DE GEMEENTE
18. a. Het college van Gedeputeerde Staten, het dagelijks bestuur. b. Het college van B&W, het dagelijks bestuur in de gemeente.
19. De volksvertegenwoordiging in de provincie: de Provinciale Staten.
20. Het streekplan wordt gemaakt door de provincie; het bestemmingsplan van de gemeente moet daarop aansluiten. (Welke bestemming hebben bepaalde stukken grond)
21. De gemeenteraad, die beslist over voorstellen van B&W.
22. a. Ja, het legitiem en illegaal
b. Burgemeester en Wethouders
c. Eigen mening variërend van keihard tot met een kop koffie.
23. Het betreft hier de directe leefsituatie van de mensen. Voorbeelden: waar moet het afkickcentrum komen, of de hangplek, of een nieuwe supermarkt, of een tijdelijk baggerdepot?
2.4 DE EUROPESE UNIE
24. a. In Nederland beslist het parlement bij de wetgeving.
b. Nederland. In Europa wordt dit het democratisch gat genoemd.
c. Gebieden binnen de medebeslissingsrechtprocedure en de begroting.
25. De besluiten gaan vaak over moeilijk en abstracte zaken, die niet snel door de media verwoord kunnen worden. Het gaat ook vaak over zaken die ver van de burgers afstaan.
Extra: Door het districtenstelsel krijgen kleine partijen weinig kans. De twee grootste partijen (De Labourparty en de Conservative party) komen in het parlement en een van de twee heeft de absolute meerderheid. Voor dualisme is dan weinig ruimte meer.
Extra: In Nederland: wat lagere overheden kunnen doen, moet niet gedaan worden door hogere overheden.
In de EU: wat in de lidstaten zelf geregeld kan worden, moet niet in Brussel worden gedaan.
Belangrijk!
De verslagen op Scholieren.com zijn bedoeld als naslagwerk. Lever nooit verslagen van internet zomaar bij je leraar in. Je bent zelf verantwoordelijk voor de gevolgen van dit soort fraude.
Wij krijgen de verslagen van scholieren. Hierdoor kan het gebeuren dat er foute informatie online staat. Gebruik geschiedt dus op eigen risico. Kom je een fout tegen? Laat het ons weten.


Wat voor geldtype ben jij?
Meer weten over jezelf en je geld? Doe dan mee aan het Scholieren onderzoek van het Nibud en steun zo kinderen in arme landen!